woensdag, november 08, 2006

Hoeren en pooiers op het Brussels Rogierplein

De feiten

Half september werd het resultaat van de internationale ontwerpwedsrijd voor de herinrichting van het Brussels Rogierplein bekend gemaakt. Niemand minder dan Brussels Minister van Mobiliteit, Pascal Smet, huldigde de laureaat, het Brussels bureau van de Vlaamse architect Xaveer De Geyter. Onverdienstelijk? Nee, maar wel bijzonder tweeslachtig.
Enerzijds was deze wedstrijd een actiepunt in het beleid van Smet, weliswaar met een groot gebrek aan coherentie, anderzijds ruikt deze Vlaamse overwinning naar een afrekening binnen politiek Brussel. En is het net voor de gemeenteraadsverkiezingen politiek correct om de volgende legislatuur op te zadelen met zo’n erfenis? Ik hoop dat de ontwerper niet de dupe wordt van touwtrekkerij en uiteindelijk met een ‘schoon’ plan en een karige vergoeding blijft zitten. Enige argwaan is hier niet misplaatst, want wie de beladen historiek van het Rogierplein en de complexiteit van de Brusselse politiek kent, kan onmogelijk tevreden zijn met deze uitslag. De goede intenties van Smet zijn onweerlegbaar, maar het feit dat uitgerekend een Vlaming de prijs wint, zorgt in Brussel meteen voor een unicum.
Xaveer De Geyter heeft onderhand al meer dan genoeg bewezen dat hij een degelijke architect/ontwerper is. Over zijn persoon en vakbekwaamheid valt niet te twijfelen.
Helaas staat daarnaast de intentie van Pascal Smet, volwaardig Minister in Brussel, maar toch ietwat kortzichtig. Brussel is al decennia lang een hekel punt bij Vlamingen en niet op zijn minst bij Vlaamse politici. Zo kort voor de verkiezingen is dit niet meer dan stemmenronselen zonder langetermijnvisie. Met een nummerieke minderheid in het achterhoofd heeft Pascal Smet hier gedaan dan wat menig andere politicus in de provincie zou doen. Helaas is Brussel een volwaardige stad en geen provincie. Smet heeft deze subtiliteit niet begrepen, genegeerd of volkomen fout ingeschat.

Voorgeschiedenis

Het Rogierplein is al decennia lang een macabere plek. Voorheen was er het spoorwegstation dat eind de jaren 50 in onbruik raakte en luttele honderden meters verderop een nieuwe vorm kreeg in wat nu het Noord-Station heet. Met de bouw van het Internationaal Rogiercentrum (de Martini-toren) werd een nieuw tijdperk ingeluid. Helaas werd de Martini-toren vooral geassocieerd met de “verbrusseling” en de sloop van de hele Noordwijk. Wat ooit symbool moest staan voor vernieuwing kreeg vorm in afbraak en verloedering. De achterliggende wijk werd gesloopt voor nieuwe idealen en de bouw van de Martini-toren heeft het tij nooit kunnen keren.

Hoewel de Martini-toren vorm en inhoud zou geven aan de geldende post-58 illusie van technologie en vooruitgang, is helaas gebleken dat het die uitstraling nooit heeft kunnen waarmaken. Vooraanstaande architecten zweerden bij het samenbrengen van wonen, werken, winkelen en cultuur. Die modernistische idealen zijn om één of andere reden niet realiseerbaar gebleken in Brussel. Het Rogierplein bleef voor beroering zorgen. Luxehotels verrezen als paddestoelen, het zakelijke karakter zou de buurt bepalen. Onder hevig protest werd het gebouw in 2003 roemloos gesloopt.
De nieuwe “Dexia Tower” bevat enkel kantoorfuncies en sluit aan bij de stedenbouwkundige invulling van deze wijk. De inplanting van enkele woonblokken in de onmiddellijke omgeving zijn slechts een schaamlapje en stellen bitter weinig voor. Hoogwaardig en duurzaam zijn ze allerminst en aangenaam wonen is het er ook niet.

Hoeren en pooiers

De herinrichting van het Rogierplein werd in eerste instantie toegewezen aan het stedenbouwkundig bureau Clerbaux-Pinon, dat al menige opdracht in het Brussels Gewest wist binnen te halen eerder via politieke connecties dan omwille van hun competenties. Pascal Smet wist tijdig in te grijpen, maar het initiële voorstel om daglicht in de ondergrondse metroverdiepingen te brengen door een gat te maken in het plein, is een 'lichtend' idee van Clerbaux-Pinon. Alle inzendingen voor deze wedstrijd dienden rekening te houden met dit gegeven.
Bovendien kregen de deelnemers de taak om een verbinding te maken met de Nieuwstraat en de Kleine Ring naar eigen goeddunken aan te passen. Voorafgaandelijkse studies over de impact van dergelijke ingrepen zijn nooit uitgevoerd. Het voorstel dat alle randvoorwaarden invult en het vernieuwend oogt, krijgt zomaar de zege van minister Smet. De echte hoeren en pooiers van het Rogierplein zijn politici en architecten, in willekeurige volgorde.

De winnende inzending

Eens voorbij de Kleine Ring, richting Noord-Station, domineren glas en staal het straatbeeld. In een omgeving waar alle menselijke proporties genegeerd worden, is het voorstel van De Geyter (glas & staal) veleer een kaakslag dan een kentering. Het voorstel van een glazen dak over het plein is bijzonder misplaatst. De ontwerper negeert hiermee zonder schroom dat een plein geen dak behoeft, één van de basisprincipes van een goed plein. Bovendien komt glas in een horizontale positie nooit tegemoed aan zijn elementaire eigenschap, namelijk transparantie. Het is een illusie te denken dat men na enkele weken nog enig doorzicht heeft. Bovendien werd er geen rekening gehouden met de minder gunstige eigenschap van glas, zijnde reflectie. De lichtende baken die de “Dexia Tower” hoort te zijn met de ingenieuze gevelverlichting dreigt vooral verwarring te zaaien over het nachtelijke plein. En hoe zit het met dat locale broeikaseffect?

De voorgestelde vernauwing van de Kleine Ring lijkt bij eerste aanblik een wonderlijke manier om deze verkeersader te overbruggen, maar houdt geen rekening met de realiteit. De weerslag van deze ingreep zullen de automobilisten dagelijks ervaren ter hoogte van Affligem! Een esplanade langs diezelfde Kleine Ring oogt mooi op papier, maar in werkelijkheid zie ik daar niemand flaneren, behalve verdwaalde hotelgasten.

En tenslotte voorziet hij de betegeling van het plein in natuursteen. Ach, het is zowaar de eenheidsworst waarmee alle provinciesteden te kampen hebben, nadat men de alommachtige betonnatie de rug toekeerde. Van zodra er één taxi over gereden heeft, liggen alle tegels los.

Kortom, De Geyter heeft zijn beperkingen hoewel hij een goed architect en stedenbouwkundige is. Zodra het over effectieve ontwerpen van de publieke ruimte gaat moet hij de duimen leggen. Op kosten van de belastingsbetaler is het niet verantwoord om zijn voorstel ook maar één moment het voordeel van de twijfel te gunnen.

2 reacties:

Blogger maxentia zei...

Als je Brussel niet zo goed kent is het wel meoilijk je een voorstelling te maken zonder foto hoor!

8/11/06 19:25  
Blogger Luc zei...

Voor tekst en beeld, ga bvb naar http://www.architectenweb.nl/aweb/redactie/redactie_detail.asp?iNTypeID=27&iNID=8045

Bekijk de beeldsimulaties wel kritisch, want de realiteit kan wel anders uitvallen.

9/11/06 01:21  

Een reactie plaatsen

Aanmelden bij Reacties plaatsen [Atom]

<< Homepage